‘Begrijpend lezen? Ik vind begrijpend kijken ook belangrijk’

Foto Michelle Schulte
GoHealthClubsAmsterdam

Als kind mocht Jeanet geen stripboeken lezen. Inmiddels is ze al 44 jaar eigenaar van stripwinkel Beeldverhaal, een bekend adres onder liefhebbers. Haar klanten komen soms vanuit Schiphol met de taxi naar de Bilderdijkstraat om een Kuifje of ander stripboek te kopen.

‘‘Mijn liefde voor strips is heel jong begonnen. Eerst stond ik met boeken en strips op de markt. Destijds verscheen het stripboek ‘Het dorpje dat ging vliegen’ van Enki Bilal. Ik dacht: ’Wauw, zijn er ook zulke strips?’ Daarna ben ik eigenlijk alleen maar strips gaan verkopen. Het was niet mijn eerste strip, bij iedereen is dat natuurlijk Suske en Wiske, Donald Duck, Kuifje en Asterix. Ik ben een Asterix-fan, geen Kuifje-fan. Ik ben toch meer van de humorkant. 

‘Het dorpje dat ging vliegen’ was de eerste keer dat ik kennis maakte met een strip die een heel ander beeld en manier van tekenen liet zien. Het is een sciencefiction strip met een fantasy-inslag, maar dan gelaagd. Ik heb niet één favoriete strip, maar ik kan wel mijn favoriete tekenaar roepen: Jacques Tardi. Hij heeft een hele lekkere, losse stijl. Zijn strip ‘Nestor Burma’ speelt zich af in Parijs. Als je dat leest, dan voel je, ruik je en zie je Parijs.

Door het lezen van strips en beeldverhalen ga je de volgorde niet alleen in plaatjes zien, maar ook in je omgeving. We hebben het altijd over begrijpend lezen, maar ik vind het heel belangrijk dat mensen begrijpend kijken. Dat wordt veel te weinig gedaan. Wanneer ga je iemand die belaagd wordt helpen of wanneer denk je: ‘Oeh, dat moet ik niet doen.’ Dat is beeldkijken. Uiteindelijk is leren lezen ook veel leuker met plaatjes dan zonder. Zelf ben ik heel calvinistisch opgevoed, dus strips lezen was uit den boze. Ik moest een boek lezen. Daarom begon ik ook met boeken op de markt. 

Op mijn veertiende begon ik al met werken in een koffiehuis, maar na vier jaar koffie rondbrengen dacht ik: ‘Nee, joh. Dit is wel klaar. Ik ga wat anders doen.’ Toen ben ik gaan solliciteren bij een boekhandel, maar zonder opleiding word je daar natuurlijk niet aangenomen. Eén van die boekhandelaars zei toen: ‘Maar meisje, als jij zo van boeken houdt: boeken zijn vrij. Koop een auto, ga eens op de markt verkopen.’ Het was niet tegen dovemansoren gezegd. Hele zolders en boekenkasten haalde ik leeg, voornamelijk van mensen die overleden waren. Ik zette ook advertenties in bijvoorbeeld een buurtsuperkrantje, dat kon toen nog. Dan werd ik gebeld of ik boeken kon kopen.  

Elke morgen stond ik met een grote blauwe Volkswagenbus op de markt, eerst op de Lindengracht. Wat is er mooier dan beginnen op de Lindengracht? Ik vind dat nog steeds de leukste markt van Amsterdam. Daarna ging ik op de Ten Katemarkt staan, totdat ik zwanger raakte. Met een kindje op de markt staan en strips uitpakken is wat moeilijk, dus zijn mijn partner en ik een kleine winkel begonnen op de Ten Katemarkt. Daar groeide ik op een gegeven moment wel uit. Ik dacht: ‘Nou, ik moet achter die kramen weg, want ik zit altijd verstopt.’ Toen ben ik gaan kijken naar de Kinkerstraat en had ik het lef en de moed om gewoon vijf keer zoveel huur te gaan betalen. Op een gegeven moment werd ik daar ook niet heel gelukkig. De Kinkerstraat verdient echt het predicaat ‘bijna lelijkste straat van Amsterdam’. En naast FEBO zitten met alles wat daar maar etend uitkomt en dan denkt bij jou even binnen te wandelen en lekker door te eten… Ik was er helemaal klaar mee. Dus toen kwam ik hier op de Bilderdijkstraat. 

Een winkel vind ik toch veel leuker dan de markt. Zelfstandig ondernemerschap is uiteindelijk vrijheid. En ja, je doet de deur open en je bent klaar. Ook kun je veel meer aanbieden. Op de markt had ik twee kramen van acht meter bij een meter, hier heb ik 130 vierkante meter. Ondernemerschap vind ik heerlijk. Tegenwoordig ga ik om half elf open. Als dat vijf over half elf wordt en iemand staat voor de deur op zijn klokje te wijzen, dan lach ik: ‘Nou, ik ben er toch?’ Heel leuk is het ook als mensen even vlug vanuit Schiphol met de taxi heen en weer rijden, omdat ze daar net zijn geland en denken: ‘Oeh, daar zit een Kuifje winkel!’ Soms is het ook wel zwaar, met alle regels die de overheid voor je bedenkt. Toch blijft dit wel wat ik leuk vind.’’