Stadsdeelcommissies – Column Carolien de Heer, dagelijks bestuurder stadsdeel West

Foto: stadsdeel West
Floatinggardens

Noem me een romanticus, maar ik vind stemmen nog altijd een feest. Het is geen plicht, maar een recht dat we moeten koesteren. Stemmen is het vieren van de democratie. Onlangs las ik een oproep van een publicist om vooral niet te gaan stemmen voor de stadsdelen. Dat vind ik een heel slecht idee.
Er zijn namelijk tientallen kandidaten, mensen uit de buurt, die ons Amsterdammers heel graag vier jaar lang willen vertegenwoordigen in de Stadsdeelcommissies. Niet voor de eer, of voor het geld (een habbekrats), maar omdat ze gemotiveerd zijn, omdat ze willen meepraten, controleren, adviseren. Omdat ze het aanspreekpunt willen zijn voor hun buurtgenoten, zodat die kortere lijntjes hebben met het stadsdeelbestuur en via dat bestuur weer met de Stopera.
Het systeem waarmee we de afgelopen vier jaar werkten vertoonde gebreken. Daarom is het bestuurlijk stelsel binnen de wettelijke mogelijkheden aangepast en verbeterd. Daar heb ik mij als bestuurder ook sterk voor gemaakt. Als blijkt dat het systeem niet helemaal goed functioneert, is het misschien de gemakkelijkste weg om te verzanden in een ‘weg met ons mentaliteit’. En dat is jammer en onnodig. Democracy is a lousy system, but it is the best we got, citeer ik maar even Karl Popper. In het nieuwe stelsel fungeert de stadsdeelcommissie als bestuurscommissie en gaat ze dus formeel onderdeel uitmaken van het stadsdeelbestuur. Ze kunnen moties indienen en de adviezen en voorstellen zijn zwaarwegend. Ook krijgen de commissieleden ambtelijke ondersteuning. Dat is bepaald geen wassen neus.
Als oud-gemeenteraadslid weet ik eens te meer hoe belangrijk de stadsdeelcommissies zijn. Als raadslid verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening kwam het voor dat ik een oordeel moest vormen over vier gewijzigde bestemmingsplannen. Het spreekt voor zich dat je als raadslid niet al die buurten goed kent. En dat het onmogelijk is om al die lijvige bestemmingsplannen tot op de centimeter uit te pluizen. Dan belde ik met de leden van de stadsdeelcommissies die precies weten wat een buurt nodig heeft. Schaf je die stadsdelen af, dan holt de kwaliteit van het bestuur achteruit.
Een stadsdeel heeft de omvang van een middelgrote Nederlandse gemeente. Het is ondoenlijk om vanuit de centrale stad precies te weten wat er op stadsdeelniveau speelt. Als wethouder of raadslid kan je nooit dichtbij ál die mensen te staan. Stadsdeelbestuurders en stadsdeelcommissieleden staan midden in de wijken en buurten, zijn een gemakkelijk aanspreekpunt en verkleinen de kloof tussen politiek en burger. De politiek, dat zijn wij.
In stadsdeel West hebben we zeer constructief samengewerkt met een doorgaans opbouwend kritische stadsdeelcommissie. We nemen hun adviezen zeer serieus. Het heeft dus echt zin om vandaag, morgen of woensdag twee stemmen uit te brengen, een voor de gemeenteraad en een voor de stadsdeelcommissie. Ga dus vooral stemmen. Leve de democratie!

Doneer