Voerverbod – Column Carolien de Heer, dagelijks bestuurder stadsdeel West

    Foto: stadsdeel West

    Wie is er niet opgegroeid met eendjes voeren? Aan de hand van je ouders of grootouders met wat oud brood naar de waterkant wandelen, om daar de dankbare spartelende eendjes te begroeten en iets te eten te geven. Dat romantische beeld is al lange tijd ingehaald door de werkelijkheid. Brood is niet gezond voor eenden, het bevat veel zout en weinig voedingsstoffen. Daarnaast sluit de vogelbescherming niet uit dat het voeren van vogels heeft bijgedragen aan het uitsterven van maar liefst dertig soorten wilde eenden.
    Het dagelijks bestuur van stadsdeel West heeft deze week op advies van de stadsdeelcommissie besloten om een algeheel voerverbod in te stellen. Dat verbod gold al op sommige plekken, maar wordt nu dus uitgebreid naar het hele stadsdeel, en binnenkort zelfs naar de hele stad. Het voeren van watervogels en duiven mag dan dus niet meer. Dat is niet alleen om de dieren te beschermen, maar vooral om te voorkomen dat de rattenoverlast toeneemt. Brood dat blijft liggen trekt ratten aan. Waar eten ligt, zijn ratten.
    Nu is het een illusie om te denken dat er een moment komt dat er geen ratten meer zullen zijn in de stad. Ratten zijn onze ondergrondse stadsbewoners, en ze zullen er altijd zijn. Ze zijn ook nuttig: ze houden het riool schoon door het vet weg te eten en ze ruimen dus rommel op. Maar wat we niet willen is dat de ratten overlast veroorzaken in woonwijken. In West hebben we om die reden op verschillende plekken broodkliko’s staan waar mensen hun oude brood in kunnen gooien. Daar wordt dan groene energie van gemaakt. Ook zorgen we ervoor dat het groen goed wordt bijgehouden, want in dichte struiken of bosjes is het goed toeven voor een rattenfamilie. In de Kolenkit was er een binnentuin die zo’n beetje was overgenomen door de ratten. Daar is het groen zo aangepakt dat de tuin weer het domein is geworden van de mensen. Het blijft ook van het grootste belang om geen vuilnis naast containers te plaatsen, en een goede afvalinzameling, het op tijd legen van containers, heeft in West een hoge prioriteit.
    In Oost en Zuid gold er al een voerverbod en de andere stadsdelen volgen binnenkort. Dan komt er een stedelijke communicatiecampagne, waarin we goed uitleggen waarom dit verbod belangrijk is. Want het stadsbestuur is er niet om welwillende burgers met lieve bedoelingen (eendjes voeren) op de bon te slingeren, maar we willen wel graag dat iedereen ervan doordrongen raakt dat het voeren van vogels slecht is voor de dieren, de mensen (want meer ongedierte) én de stad.
    Eenden eten overigens vooral gras, kleine waterdiertjes en waterplanten. Dat is veel gezonder en ze kunnen er prima van leven. Door het strooien van veel brood maakt de meeuw ook al een tijd deel uit van het Amsterdamse straatbeeld. En dat terwijl die vogel natuurlijk thuishoort aan de kust. Meeuwen die nesten maken op dakterrassen veroorzaken veel overlast. Ook is bekend dat het voeren van meeuwen tot agressief gedrag leidt. Genoeg reden dus om ze niet te voeren.
    Afgelopen week werd ik geïnterviewd door studenten van de UvA. Zij vroegen zich af of het rattenprobleem over vijf jaar is opgelost. Zoals gezegd zullen ratten er altijd zijn, alleen moeten we ervoor zorgen dat ze niet oprukken en dat ze in hun eigen territorium blijven. De GGD liet weten dat het aantal meldingen van overlast in de laatste twee kwartalen van vorig jaar is afgenomen. Dat is verheugend nieuws. Dat kan alleen als we met elkaar de stad schoon houden; eten op straat gooien is als je het goed beschouwt het vervuilen van de stad en het veroorzaken van problemen. Ik hoop dat we die boodschap goed kunnen overbrengen wanneer het verbod over enige tijd voor heel Amsterdam zal gelden.

    Hoogstins