Nergens in Nederland gaan zo veel woningen boven de vraagprijs weg als in Amsterdam-West. Bij 88 procent van de in het tweede kwartaal van dit jaar verkochte woningen is meer betaald dan gevraagd. Dat is fors boven de stedelijke en landelijke gemiddelden van 78 en 71 procent.
Dat blijkt uit de kwartaalcijfers over de woningmarkt die Makelaarsvereniging Amsterdam (MVA) donderdag heeft gepubliceerd. Kopers in West gaan ook het verst boven de vraagprijs uit. Gemiddeld bieden ze 10 procent meer, tegen 7,1 procent voor de stad als geheel. Landelijk bieden kopers gemiddeld 4,6 procent meer.
De gemiddelde vraagprijs bedroeg in West in het tweede kwartaal 575.000 euro. Dat is 3,9 procent lager dan in dezelfde periode vorig jaar. Ten opzichte van het eerste kwartaal van 2026 is het echter een stijging van 4,6 procent.
Daarmee is West qua vraagprijs een van de goedkoopste stadsdelen: alleen in Nieuw-West (559.000 euro) en Zuidoost (371.000 euro) vragen verkopers minder. Dat heeft ermee te maken dat veel woningen in West kleiner zijn. Gaat het echter om de verkoopprijs per vierkante meter, dan is West het op één na duurste stadsdeel.
Alleen in Zuid betaalden kopers in het tweede kwartaal meer dan de 9644 euro per vierkante meter die in West moest worden neergeteld (9687 euro). De vierkante meterprijs in West is ten opzichte van vorig jaar en het eerste kwartaal gestegen, met respectievelijk 1 en 4,3 procent.
Centrum is het enige andere stadsdeel waar de vierkante meterprijs boven de 9000 euro uitkwam (9578 euro). Behalve in Oost (8815 euro) lag die zelfs overal onder de 7000 euro.
“Dat maakt de keuze van het stadsdeel voor veel kopers niet alleen een kwestie van voorkeur, maar ook van financiële mogelijkheden”, zegt MVA-voorzitter Floris van der Peijl. Hij noemt het ‘positief’ dat in Zuidoost, Noord en Nieuw-West de prijzen stabiel zijn. “Dat houdt de Amsterdamse woningmarkt als geheel toegankelijker.”


















