Buurman Frans tipt: dé bamischijf van Amsterdam

Foto Patricia Jacob

In deze tijd waar het ene nieuwtje steeds door het andere wordt ingehaald, is het fijn om terug te grijpen naar iets vertrouwds. Bijvoorbeeld naar een old skool-snack als de bamischijf. De buurman van Patricia weet waar je de lekkerste haalt.

Zoals ik eerder schreef, zwiert mijn buurman Frans door het leven. Buiten coronatijd gaat hij van balletvoorstellingen via opera’s naar exposities. Op dit moment speelt zijn culturele leven zich thuis af en bekijkt hij bijvoorbeeld in één dag alle delen van seizoen 4 van The Crown. Culinair geniet hij er nog steeds op los. Natuurlijk mist hij de charme van het uit eten gaan, maar je denkt toch niet dat deze gourmand nu op een houtje zit te bijten?

Andijviestamppot met bal
Het idee alleen al! Frans organiseert nu gewoon iets vaker etentjes in zeer intieme kring, waarbij hij Hollandse klassiekers op tafel zet, zoals zijn andijviestamppot met gehaktbal – uiteraard met vlees van zijn favoriete slager: Louman in de Jordaan. Als hij in het weekend geen zin heeft om zelf te koken, laat hij het geld enthousiast rollen. Zo liet hij dit jaar onder meer een zesgangendiner (met wijnarrangement) aanrukken bij Jaspers op de Ceintuurbaan. Ook likte hij zijn vingers af bij de Indonesische gerechten van Rons Gastrobar, waarmee hij zijn loeigrote tafel had laten ‘beleggen’.

Viskoekjes Kevin Bacon
Dat hij ook kan genieten van kleine dingen merkte ik toen hij pas koffie kwam drinken. Terwijl hij prikte in een stuk appeltaart van Back to Black, vertelde hij dat hij snakte naar de Thaise viskoekjes van Kevin Bacon, de bar van Hotel not Hotel in De Baarsjes. Volgens hem waren die koekjes de beste van de hele stad. Ook vertrouwde hij me toe dat hij zichzelf af en toe trakteerde op de friet van Doardi, bij ons om de hoek, in de Van Limburg Stirumstraat. “Ik bel dan van tevoren. Acht minuten later komen ze dan uit de frituur. Vijf minuten voor die tijd loop ik er dan heen. Meestal bestel ik er trouwens een bamischijf bij. Zo lekker als die van Doardi is, vind je ‘m nergens.”

Volle bamismaak
Wat die bamischijf zo bijzonder maakt? Frans had er geen woorden voor. “Die smaak… Zo’n volle bamismaak. Intens lekker.” In een artikel op Vice las ik dat de bamischijf ‘van oudsher een van de populairste snacks van Nederlandse cafetaria’s’ is. Daarnaast is het ‘een directe erfenis van de Nederlandse koloniale geschiedenis in het tegenwoordige Indonesië’. Even voor de duidelijkheid: toen Indische Nederlanders, zoals mijn ouders, Indië moesten verlaten, namen ze hun bamirecept mee naar Nederland. Maar geen haar op hun hoofd had eraan gedacht om hompen te maken van bamiresten, ze te paneren en vervolgens in de frituur te kwakken. Mijn moeder vond deze Nederlandse culinaire actie behoorlijk gila (gek). Als ik er eentje bestelde, mompelde ze dat ik al net zo als de Belanda’s (Hollanders) was en schudde ze haar hoofd.

Dampende snack
Ondanks de beladen geschiedenis van de bamischijf, besloot ik er vandaag na lange tijd weer eentje te eten. Frans had me best nieuwsgierig gemaakt. Op naar Doardi!
Met de dampende snack ging ik naar huis. Ik nam een hap. Dikke slierten glibberden naar binnen. Wat voor kruiden er in de bami zaten? Geen idee. Een beetje non-descript, eigenlijk gewoon zoals een bamischijf hoort te smaken. Aan zout geen gebrek. Ook dat hóórt bij een snack. Het hompje vulde behoorlijk en maakte me dorstig. Cola, bier. Ik verlangde naar alles behalve Spa rood. Frans, sorry maar dit is niet helemaal mijn ding. Misschien komt dat wel omdat ik toch minder Hollands ben dan mijn moeder dacht.